donderdag 22 augustus 2013

Een uitnodiging

Op het moment dat ik dit schrijf ligt er een groot cruiseschip aangemeerd aan de passagiersterminal in de haven van Amsterdam. Op het schip zullen de mensen nog wel aan hun ontbijt zijn, maar straks zullen ze in de rij gaan staan om de drukte op de Nachtwacht te gaan zien of om de spanning van Anne Frank in haar schuilplaats na te ervaren.

Om de mensen op het schip van alle gemakken te voorzien blaast het met grote kracht de warme lucht die niet meer nodig is uit vleugels aan de enorme schoorsteen. Het geluid van deze luchtstroom weerkaatst tegen de gevels van de woningen aan de overkant van het water. Of ik nu de deur van mijn woning open laat of dicht doe, het heeft geen invloed op de kracht van het geluid. Tot overmaat van ramp vermengt dit geluid zich met het bonkende gestamp van een langs het schip varende binnenvaarttanker, en een politiehelikopter.

Ik laat mijn bezigheden vallen en geprikkeld rol ik mijn tuin in. Op dat moment hoor ik een zachte wind door de bladeren gaan. Twee verschillende werelden raken mij aan. Even weet ik niet meer of ik op deze aarde ben.

Ik rol terug naar mijn keukentafel. Daar ligt het boekje Dromend naar de wereld kijken van Maarten[1]. Ik sla het zomaar ergens open en lees:
“… wat is nu de basisinspanning die nodig is? Eigenlijk is dat – ook al klinkt dat misschien een beetje gek – dat je overdag een beetje dromend naar de wereld kijkt. De wereld die in opbraak is, die haast heeft, waarin allerlei nieuwe ontwikkelingen om aandacht vragen. En dat je dat allemaal accepteert – zo is de wereld.”
Ik denk: “Ja, ja! Maar dat schip vertrekt pas om zes uur ’s middags, en al die tijd …”
“Maar de vraag is natuurlijk altijd weer of jijzelf ook op die manier wordt meegenomen door alle ontwikkelingen. Dus het is heel makkelijk dat je jezelf daarin vergeet, vergeet wie je bent. Ja, wat ben je eigenlijk?”
Die laatste vraag verrast. De vraag naar wie je bent, wordt de vraag naar wat je bent. Maar ik lees verder:
“… (ben jij) een mens die ziet dat er, behalve al datgene wat speelt en wat je aandacht heeft en waar je in opgaat of waar je je tegen verzet – wat eigenlijk hetzelfde is – nog iets anders is?”
Ik herinner me wel zo iets …

Ik sla het boekje dicht en kijk vanaf mijn keukentafel naar buiten. Het schip is nog steeds druk bezig en de wind blijft door de bladeren in de struiken van mijn tuin gaan.


Rien Heukelom, augustus 2013



[1] Maarten Houtman: Dromend naar de wereld kijken; laatste toespraken, 2006-2007. Uitg. Stichting ‘zen als leefwijze’, 2013

Geen leer, geen traditie, geen leerling en geen leraar


Een impressie van een onderzoek


Bij verschillende geloofsgemeenschappen en spirituele tradities ben ik in de leer geweest, waarna ik uiteindelijk het boeddhisme omarmde, eerst het Tibetaans boeddhisme en later zen.
Ik was als beginner gefascineerd en nieuwsgierig, zen sprak mij vooral aan vanwege z’n eenvoud. Die voorkeur zal wel te maken hebben met mijn protestantse achtergrond.
Als ijverige student zette ik me met de nodige discipline volledig in. Ik volgde weekenden, deed sesshins, legde geloften af en kreeg nieuwe namen.
Dat er een lange weg voor me lag, daarvan was ik me terdege bewust – wat ook wel aantrekkelijk was, het schept structuur en richting.
Je bent steeds op weg naar een zekere verbetering van jezelf en de wereld. Dat is hoopvol, het zou best wel eens kunnen dat aan het einde van de reis je leven op een dag geheel volmaakt zal zijn.
Ik werd ge├»nspireerd door de naam die ik van Osho kreeg: Dhyan Kundan (wat zoveel betekent als ‘gouden meditatie’), en door de ervaring van magische momenten waarop meditatie zomaar gebeurde.

Meditatie werd de leidraad in mijn leven. Bij zen is meditatie de belangrijkste beoefening, waarbij je een houding aanneemt die is voorgeschreven: het zitten op een kussentje is de basis van bijna alle vormen van meditatie.
Toch ontstond er in de loop van de tijd verzet tegen de formele aspecten en de rituelen. Wat eerst een zekere houvast gaf, veranderde al meer in een afkeer.
Ik weet dat als je zoiets tegenkomt, dit juist materiaal kan zijn voor de beoefening. Elk nadeel heeft zo zijn voordeel. Er heerst ook de opvatting dat je uiteindelijk al die formaliteit moet zien als een spel. Maar dat spel wordt toch wel heel serieus opgevat …
In werkelijkheid was ik aan het imiteren om iets te bereiken waar ik mijn best voor moest doen. Deze inspanning leverde verdeeldheid en angst op.
Tegelijkertijd deed ook mijn lichaam een duit in het zakje, het werd voor mij al moeilijker om in een goede meditatie houding te zitten, zoals ik dat jaren gewend was.
Wat nu te doen?
“De waarheden die anderen je vertellen en de rituelen die je imiteert zijn uiteindelijk niet van belang, maar de ontdekking die je doet door zelfonderzoek.”